Module 2 – Les 4 – Systemen zijn overal

Systemisch werken gaat er vanuit dat wij allemaal onderdeel zijn van één of meerdere systemen.

Een systeem betreft een groep mensen die met elkaar verbonden zijn. Deze groep heeft haar eigen regels en wetten. De werking van de (ongeschreven) regels en wetten, de verhoudingen en de onuitgesproken rollen, kunnen soms behoorlijk ingewikkeld zijn.

Je huidige gezin vormt een systeem, je gezin van herkomst vormt een systeem, je familie vormt een systeem. Vriendengroep, sportclub, vereniging, werk (teams en organisaties), school zijn allemaal voorbeelden van systemen. Ook ben je onderdeel van het systeem van waar je woont, de buurt, dorp of stad, streek of land. En zo zijn er nog wel meer systemen waar je deel van uitmaakt. 

De systemen worden beïnvloed door leven met elkaar en gebeurtenissen. Elk systeem heeft zijn eigen dynamisch krachtenveld, dat zich op een diep en onbewust niveau beweegt.

Elk systeem is altijd onderdeel van een groter systeem. Kijkend naar een werkomgeving, kan dit de structuur zijn: je bent onderdeel van een team, het team hoort bij een afdeling, deze afdeling valt onder een directie, etc. Wellicht ben je bekend met het organogram als je bij een organisatie werkt. Dit is bijvoorbeeld het organogram van een zorggroep:

Familiesysteem
Het meest bekende systeem en het enige waarmee je onlosmakelijk mee verbonden bent, is het familiesysteem, ook wel het gezin van herkomst genoemd. Iedereen heeft een vader en een moeder. En vanzelfsprekend hebben jouw vader en moeder ook weer allebei een vader en een moeder. Misschien zijn er broers en zussen, oom en tantes. En met elkaar vorm je een familiesysteem. Over meerdere generaties.  En een ding is zeker: je bent voor altijd verbonden aan dit systeem. Zonder dit systeem had jij niet bestaan, bij je geboorte krijg je jouw plek in dit systeem.