Les 3 Een doel SMART maken


Een doel SMART maken is niet ingewikkeld, als je eenmaal weet hoe je dat het beste kunt doen. Wat het werken met SMART kan compliceren is als de hulpvraag te groot of te complex is en meerdere hulpvragen of doelen bevat. Lees de hulpvraag daarom goed door en beoordeel of het om een hulpvraag, om een wens of om een doel gaat.
Soms vertelt de cliënt ook al hoe ze het probleem gaan oplossen. Bijvoorbeeld: “Ik wil meer energie krijgen door meer te gaan bewegen.”. Ook dat is niet de bedoeling als je nog in het stadium van het SMART -doelen formuleren bent.

Stap 1
Is daarom ook het ‘ontleden van de ‘hulpvraag’ waarmee de cliënt komt. Welke elementen zitten er allemaal in deze ‘hulpvraag’?

Stap 2
Is het verduidelijken en concretiseren: wat is de concrete hulpvraag?

Ontrafel samen met de cliënt de hulpvraag:

  • Wat is er aan de hand?

  • Waar heb je last van? Wat doet het meeste pijn? Wat zijn recente voorbeelden hiervan?

  • Hoe zag het eruit voor je hier last van kreeg? (Gebruik bijvoorbeeld coaching techniek de Tijdlijn)

  • Welke van de onderwerpen die je in je hulpvraag noemt zou je het allerliefst en allereerst opgelost willen hebben? (Prioriteiten stellen)

  • Welke onderwerpen in de hulpvraag kan je concreet maken en welke niet? De cliënt kiest uiteindelijk voor het onderwerp dat én concreet te maken is én prioriteit heeft.

In deze stap mag je de cliënt ook huiswerk meegeven. Hierdoor gaat de cliënt er thuis nog eens goed over nadenken, maakt hij/zij onderscheid tussen hoofd- en bijzaken en kiest hij/zij uiteindelijk of dit inderdaad de concrete hulpvraag voor dit coaching traject is.

Het volgende gesprek pak je de draad weer op stel je samen met de cliënt de definitieve hulpvraag vast en kom je samen tot een SMART-doel.

Doen jullie dit goed, dan zal je merken dat het SMART doel stimulerend werkt tijdens het uitvoeren van activiteiten van het coaching traject.

Voorbeeld 1

Vrouw, 42 jaar, komt met de hulpvraag: Ik heb zo weinig energie, ik heb geen zin en tijd voor de kinderen en weinig zin in alles. Ik voel me lamlendig, kijk de hele dag Netflix en mijn partner begint hierover te klagen.

1:    Ontleed de hulpvraag:

Ik heb weinig energie
Ik heb geen zin en tijd voor de kinderen
Ik maak geen tijd voor de kinderen
Ik heb weinig zin in alles
Ik voel me lamlendig
Ik kijk de hele dag Netflix
Mijn partner is ontevreden.

2:    Welke van bovenstaande hulpvragen kun je concreet maken?

“Ik heb weinig energie.”

Eén van de eerste vragen die je hierbij als coach stelt is: “Waaruit blijkt dit in de praktijk? “

De cliënt kan dan antwoorden: “Als ik op sta voel ik me al moe en slap. Uitgeblust, terwijl ik nog niets gedaan heb. Gevolg hiervan is dat mijn tijd op gaat aan dingen die ik niet wil en wat ik wél wil, zoals tijd besteden aan mijn kinderen en partner, doe ik niet. Daardoor voel ik me lamlendig wat mijn humeur en dus ook mijn energielevel nog meer naar beneden haalt. Vroeger had ik dit niet, sprong ik als het ware uit bed en ging het ontbijt klaarmaken voor mijn gezin. Ik wil weer terug naar de ‘oude ik’ en een gelukkiger leven leiden. Voor ons allemaal.”

Wat je ziet in dit voorbeeld is dat er niet alleen een beschrijving van de huidige situatie plaatsvindt maar dat de cliënt ook een vergelijking maakt met vroeger, toen dit probleem nog niet speelde. En dat ze een doel formuleert waarvan wij nu niet kunnen weten of het wel realistisch is (terug naar ‘oude ik’), simpelweg omdat er tijd verstreken is, de situatie anders kan zijn dan vroeger etc. etc. Je voelt ook aan dat naarmate het verhaal vordert, er steeds meer emotie speelt bij deze cliënt.

Voor het stellen van een SMART doel is het van belang dat je deze verschillende onderdelen van wat de cliënt je vertelt, uit elkaar haalt en ook zo bespreekt en teruggeeft aan de cliënt. En dat je je in eerste instantie vooral focust op de feiten. Dit haalt het negatieve gevoel over hoe het nu is (‘vroeger was het beter’) deels weg en maakt het ook mogelijk om hier concrete verbeteracties op te formuleren.

3:    Doel om SMART te maken: meer energie hebben

Specifiek: over 3 maanden heb ik genoeg energie om 3x per week een activiteit met mijn kinderen en 1x per week met mijn partner te ondernemen.

Meetbaar: ik noteer vanaf nu alle activiteiten die ik onderneem met mijn gezin in mijn agenda en plak alle toegangsbewijzen en foto’s van de uitjes die we ondernemen in een nieuw familieplakboek.

Acceptabel: iedereen, inclusief mijzelf, wordt er blij van als ik meer onderneem met mijn gezin. Ik heb mijn doel besproken met mijn partner en kinderen en iedereen staat erachter en steunt mij bij het aanpassen van mijn leefstijl (voeding- en beweegpatroon) om meer energie te krijgen.

Realistisch: door mijn leefstijl aan te pakken krijg ik in de komende maanden meer energie. Dat is zeker haalbaar in de komende maanden, zeker met de steun van mijn gezin, en is het realistisch dat ik meer activiteiten ga ondernemen met mijn gezin.

Tijdgebonden: over 3 maanden heb ik meer energie. Dat bereik ik door aan mijn leefstijl te veranderen. Hiervoor zijn de volgende acties opgesteld:

Actie 1, start op datum x, einde op datum y

Actie 2, idem

Actie 3, idem.

Etc.

Als ik mijn doel gehaald heb dan heb ik zin en tijd voor mijn kinderen, zin in andere dingen, kijk ik minder Netflix, is mijn partner tevreden.


Voorbeeld 2

Man, 48 jaar, heeft als hulpvraag: ik voel me rusteloos de laatste tijd. Ik ben bang dat ik de focus verlies. Dat maakt me onzeker, thuis en op het werk.

1:    Ontleed de hulpvraag:

Ik voel me rusteloos
Ik ben bang dat ik de focus verlies
Ik voel me onzeker, thuis en op het werk.

2:    Welke van bovenstaande hulpvragen kun je concreet maken?

Concreet: ik heb last van dat ik me niet kan focussen

Gevolg: doordat ik me niet kan focussen neemt de onzekerheid en daardoor de rusteloosheid toe.

3:    Doel om smart te maken: beter kunnen focussen, om te beginnen thuis

Specifiek: Ik ben over 2 maanden, op datum xyz, in staat om mij te focussen op de taken die ik in ons gezin heb.

Meetbaar: ik schrijf mijn taken in het gezin op in een schriftje en voeg hieraan toe op welke dag van de week ik ze uitvoer. Dagelijks kijk ik hiernaar en voer de taak/taken uit voor die dag. Ik heb een afvinklijstje dat ik daarbij gebruik. 

Acceptabel: iedereen, inclusief mijzelf, wordt er blij van als ik me kan focussen op de taken die ik in het gezin heb. Wij hebben dit als gezin met elkaar besproken en mijn vrouw en kinderen gaan mij helpen bij het gericht uitvoeren van mijn dagelijkse taken, bijvoorbeeld door tijdens de avondmaaltijd de voortgang van mijn weekactiviteiten te bespreken.

Realistisch: door inzicht te krijgen in mijn takenpakket en dit aan een dag in de week toe te wijzen, leer ik om me te focussen op mijn taken. En om niet meer en niet minder te doen dan wat er staat.

Tijdgebonden: over 2 maanden, op datum xyz, heb ik 3 weken achter elkaar alle taken in mijn schriftje uitgevoerd.

Als ik mijn doel gehaald heb krijg ik meer rust en vertrouwen in mijzelf.