Les 3.1 – Fase 1 Onderzoek, inventarisatie en/of interventie

Als iemand zich meldt met stressklachten, gaan er een aantal processen tegelijkertijd van start.

Ten eerste dient te worden vastgesteld in welke mate de persoon last heeft van overspannenheid. Welke klachten en symptomen worden ervaren? Hoe lang al en wat is op dit moment het ‘ergst’ aanwezig? Dit onderzoek start al in de intakefase van de begeleiding en is behoorlijk uitgebreid. Juist om de individuele verschillen tussen mensen boven tafel te krijgen en om de begeleiding zo toegespitst als mogelijk te laten zijn op deze persoon in deze situatie.

Is de situatie vervelend en lastig voor de persoon, maar niet direct urgent, dan kan door middel van de beschikbare stresstests de inventarisatie van de toestand van de cliënt plaatsvinden. Denk aan de stresstest, de doezelscore, de ademtest etc. Vaak biedt het inzetten van dit instrumentarium al veel gespreksstof op die tot inzichten bij de cliënt kan leiden.

Daarnaast is het verschaffen van informatie en inzicht in bijvoorbeeld de opbouw van het Chronisch Stress Syndroom en welke biologische gevolgen dit heeft, van belang.
Herkenning en erkenning van de problematiek is in deze fase van belang, nog voordat er sprake is van het toewerken naar herstel.

Is de situatie wel urgent en dreigt er uitval door de cliënt of is de persoon al uitgevallen, dan is de grootste valkuil in de begeleiding om direct te gaan werken aan oorzaken en verbetermogelijkheden. De kans is groot dat dit te vroeg gebeurt en dat dit proces zal verzanden, simpelweg omdat de cliënt er niet aan toe is. Daarnaast wordt deze begeleiding wordt vooral een mentaal verhaal (verdieping is nog niet mogelijk), wat geen recht doet aan de problematiek die zowel mentale als fysieke, emotionele en energetische aspecten kent. Wat is in die situatie wel van het grootste belang? Energieherstel!

Vergelijk het met een batterij: als deze helemaal leeg is, gebeurt er niets. Zit er een beetje energie in, dan kan er beweging komen.
Iemand met een burn-out heeft een lege batterij. Daar gebeurt niets. Wil je deze persoon begeleiden in het proces naar uiteindelijk herstel, zal de batterij eerst stapje voor stapje moeten worden opgeladen.
Belangrijk is om dit ook aan de cliënt mee te delen. Dat het in de eerste fase zaak is om de focus alleen op energieherstel te leggen en niet op andere zaken. Voor mensen met een burn-out die hun situatie nog niet volledig hebben geaccepteerd, is dit een lastige boodschap. Zij willen immers snel vooruit en zo snel mogelijk werken aan herstel en terugkeer naar de oude situatie.

Het is ook niet zo dat er ‘niets gebeurt’ in deze fase en dat de cliënt alleen maar thuis op de bank ligt. Integendeel, het is belangrijk om op een subtiele, niet belastende manier te gaan ‘werken’ aan het verkrijgen van energie. Om de parasympathicus, die zijn functionaliteit grotendeels had verloren, te trainen om hem weer aan het werk te kunnen zetten. Zodat een begin kan worden gemaakt met het herstel van de energie.

Naast energieherstel is de acceptatie van de situatie waarin de cliënt zich bevindt van groot belang. Dat bepaalt namelijk of de persoon er klaar voor is om aan zichzelf te gaan werken of dat dit halfslachtig gebeurt. Bijvoorbeeld omdat iemand zich nog steeds verantwoordelijk voelt voor werkzaamheden die op het werk moeten gebeuren. Op zo’n moment is de focus niet 100% bij zichzelf, wat ten koste gaat van het herstelproces. Het niet-accepteren van de situatie, oftewel het verzetten tegen de situatie zoals die is, kost ook veel energie. Iets wat niet of nauwelijks aanwezig is.

Met acceptatie wordt hier bedoeld het aanvaarden van dit moment en van de huidige ervaring. Het aanvaarden van de moeilijkheden en van de moeilijke situatie waarin de persoon zich bevindt. Acceptatie is de basis voor een betere werking van de herstel bevorderende factoren en zal het herstelproces ook doen versnellen.

Let er op dat het accepteren van de situatie eerst tot een verergering van de klachten kan leiden. De acceptatie leidt tot een overgave die gevoeld wordt op alle niveaus van ons bestaan: mentaal, fysiek, emotioneel en energetisch. Paniek, huilbuien, teruggetrokkenheid of juist boosheid en verdriet, het kan er allemaal uitkomen. En het mag er ook uitkomen, in de wetenschap dat deze emoties en gevoelens heel lang geen expressie hebben kunnen krijgen. Het lichaam heeft het opgeslagen. En nu de druk er af is, kan het er uit. Een belangrijke stap op weg naar herstel en naar een nieuwe balans.

Wat helpt bij acceptatie?

  • Het bezoek aan de huisarts

  • Erkenning door de gezinsleden

  • Erkenning door de werkgever

  • Het werken met een stresstest-vragenlijst, waardoor de cliënt inzicht krijgt en herkenning kent bij de verschillende gedragingen en symptomen van de afgelopen maanden en jaren

  • Hardop uitspreken: “Ik heb een burn-out.” Het is belangrijk dat de cliënt dit niet alleen tegen zichzelf zegt, maar tegen iedereen die hij/zij tegenkomt. Van de buurman tot de slager op de hoek, iedereen mag het weten. Het is een erkenning naar de omgeving toe en tegelijkertijd acceptatie bij de cliënt zelf dat dit het geval is. Hij/zij hoort het zichzelf als het ware zeggen, wat versterkend werkt.

  • Gevoelens van schuld en schaamte uiten en zo nodig noteren. Bijna iedereen met een burn-out heeft gevoelens van schuld (ik zadel iedereen op met extra werk, thuis en op het werk) en schaamte (wat zullen ze wel niet van mij denken?). Deze gevoelens zijn normaal in de eerste fase van het proces. Als ze sterk aanwezig zijn, is het raadzaam om ze op te laten schrijven en te bespreken met de begeleider. Om ze te Herkennen, Erkennen, Expressie te geven en zo mogelijk al Los te kunnen laten (de zgn. HEEL-benadering voor het begeleiden bij negatieve emoties en ervaringen).

Gedurende de begeleiding is het zaak om gespitst te blijven op terugkerende gevoelens van schuld of schaamte. Deze kunnen een belemmering vormen voor het herstelproces en kunnen daarom meermalen door middel van de HEEL benadering de aandacht krijgen die ze nodig hebben.

HEEL is een benaderingswijze die wordt gebruikt bij het Verdiepend Coachen en die bestaat uit de volgende letters:
H = Herkennen
E = Ervaren
E = Erkennen
L = Loslaten.  

Stap 1 Herkennen
Essentieel bij de HEEL systematiek is dat iemand zijn/haar gedrag ‘herkent’ als gedrag van zichzelf. En herkent als gedrag, niet als een voldongen feit of ‘als een zwaarbeladen emotionele toestand waar geen uitweg uit bestaat’.

Stap 2 Ervaren

In deze stap staat het ‘Ervaren’ door de persoon centraal. Het mooie van ons mensen is, dat wij op elk moment terug kunnen naar een eerdere ervaring en die nogmaals kunnen doorvoelen. Alsof we terug in de tijd zijn. In dit stadium van het (zelf)onderzoek kan de persoon nagaan waar hij/zij dit ervaren gevoel van herkent. Bijvoorbeeld uit eerdere momenten van overbelasting.

Stap 3 Erkennen

Deze stap gaat over het ‘Erkennen’ van het gevoel dat de ervaring met zich meebrengt. Erkennen betekent: zien voor wat het is en het accepteren als onderdeel van jezelf. Het gaat er niet om dat het gevoel bijvoorbeeld van schuld of schaamte) te willen veranderen, maar juist om het er laten zijn. Omdat het er nu eenmaal is en bij deze persoon hoort. Voor velen kan dit een lastige stap zijn, omdat het ook het erkennen van de imperfectie van ons zelf is. Het accepteren dat wij niet alleen ‘goed’ zijn, maar juist ook feilbaar.
Het erkennen leidt tot een vorm van rust en berusting. Het schept een zekere afstand van de ervaring omdat je als ‘toeschouwer’ kijkt naar wat je hebt ervaren en dit gaat erkennen als onderdeel van jezelf.


Stap 4 Loslaten

De laatste stap van HEEL is ‘Loslaten’. Loslaten betekent hier dat je niets aan de situatie verandert maar, nadat je de ervaring erkent, deze er laat zijn en er afstand van neemt. Om ‘door te gaan’ zonder  de ervaring verder met zich mee te nemen en zichzelf daarmee te belasten. Waarom is de HEEL systematiek belangrijk? Omdat hiermee de essentie van onze benadering bij emotionele onderwerpen goed wordt verduidelijkt: wij schenken er aandacht aan maar zijn niet bezig met verandering, oplossing of behandeling van wat wordt ervaren.
Aandacht schenken aan wat zich aandient heeft als effect, dat hetgeen wat aandacht heeft gekregen, zich daarna minder sterk zal manifesteren. Het wordt ‘kleiner’ in het bewustzijn en speelt een kleinere rol in het gedrag van die dag.